Nike Sport - Sportkleding
In 1963 richtten Bill Bowerman en Philip Knight Nike op met het idee om hoogwaardige en betaalbare sportschoenen uit Japan te importeren, waarmee ze de dominantie van Duitse merken als Adidas en Puma uitdaagden. Tegen 1981 was Nike het toonaangevende merk voor sportschoenen in de Verenigde Staten, voordat het naar de beurs ging en iconische producten lanceerde zoals de Air Force One en de Air Jordan-basketbalschoenen. In 1997 kwam het bedrijf echter in opspraak te staan na beschuldigingen van kinderarbeid bij onderaannemers. In 2021 ondervond Nike de gevolgen van de Covid-19-crisis, wat leidde tot het stopzetten van bepaalde atletencontracten en het niet verlengen van wereldwijde contracten. Daarnaast zijn er beschuldigingen geweest van misleidende handels praktijken en betrokkenheid bij het verdoezelen van dwangarbeid, met name in verband met de behandeling van Oeigoeren in Xinjiang, China. De lobbyactiviteiten van Nike om wetgeving die de import van producten uit Xinjiang verbiedt, te verzwakken, verergerden de controverse en maakten het moeilijker voor het bedrijf om zijn reputatie en marktpositie te behouden.
Belastingoptimalisatie
De *Paradise Papers*, gepubliceerd in november 2017, onthullen dat de sportuitrustingsfabrikant belastingoptimalisatie toepast via een reeks financiële constructies tussen Nederland en de Bahama’s, waardoor het volgens *Le Monde* erin slaagt ‘zijn belastingtarief in Europa te verlagen naar 2 %’ tegen een gemiddelde van 25 % voor Europese bedrijven. Concreet brengt Nike sinds 2014 al zijn Europese inkomsten onder bij een Nederlandse dochteronderneming, die vervolgens aan een andere entiteit, Nike Innovate, de merkrechten doorbetaalt en zo kunstmatig de winst uitput. Nike Innovate maakt gebruik van een maas in de Nederlandse wetgeving, de zogenaamde ‘CV-BV-structuur’: de Nederlandse belastingautoriteiten beschouwen deze dochteronderneming als belastingplichtig in de Verenigde Staten, en omgekeerd. Het resultaat: Nike Innovate betaalt geen belasting.